| Betere diversiteitsplannen |
|
| |
|
Momenteel kunnen privé-bedrijven vrij kiezen of ze meestappen in het verhaal van diversiteit op de werkvloer.
De overheid beloont bedrijven financieel om een diversiteitsplan op te stellen. Zo’n plan heeft een
dubbel doel. Enerzijds moet het zorgen voor een mentaliteitsverandering binnen een bedrijf. Anderzijds
moeten er met zo een plan meer allochtonen, 50-plussers en gehandicapten aan het werk geraken.
Er ligt nog teveel nadruk op de eerste, niet meetbare doelstelling. Om meer allochtonen aan het werk te
krijgen, moet er méér aandacht besteed worden aan de instroom. Om dit te bereiken moet de overheid de
financiering van diversiteitsplannen koppelen aan instroomresultaten. De kost van het diversiteitsplan
moet gesubsidieerd worden naarmate een groter deel van de vooropgestelde streefcijfers wordt behaald.
Volledige subsidiëring moet de beloning worden voor een geslaagd diversiteitsplan. Dit kan pas wanneer
een bedrijf het aantal mensen heeft aangeworven die het voorop had gesteld.
Er is een drastische stijging nodig van het aantal diversiteitsplannen. Totnogtoe sloot twee procent van
de Vlaamse ondernemingen een diversiteitsplan af. Dit betekent dat er nog heel wat groeimarge bestaat op
het totaal aantal bedrijven in Vlaanderen. Veel plannen werden afgesloten door kleine ondernemingen en
door social profit organisaties. De grote(re) werkgevers - vanaf 50 werknemers - scoren heel wat slechter.
De Vlaamse Overheid moet de diversiteitsplannen beter bekend maken en ondersteunen in sectoren met
weinig allochtone werknemers. De lokale en de regionale overheidsdiensten en de chemiesector bijvoorbeeld,
zijn toe aan een inhaalbeweging.
|
|
| |