Minderhedenforum logo
RSS        home        contact          zoek       

web_broodkruimelU bent hier: forum.net > activiteiten > netwerktrip 2010
 
Studenten verenigen zich
verslag netwerktrip Rotterdam
03/02/2010 - Goede tradities moet men in stand houden. Daarom ging ook het derde projectjaar van het Jongerennetwerk van start met een trip naar Nederland. Ditmaal werd Rotterdam aangedaan. Vijftig jongeren (waarvan velen actief in studentenverenigingen) namen plaats in de bus om in de Maasstad te kunnen netwerken met hun Nederlandse collega's. De uitwisseling met de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) smeedde dan ook heel wat amicale én professionele banden.
 

Op weg naar Nederland konden de deelnemers hun competitieve geest laten bovendrijven in een quiz. Daarin werden algemene vragen over het Minderhedenforum en het Jongerennetwerk gekoppeld aan netwerkopdrachten. Alle groepen zetten hun beste beentje voor om de hoofdprijs (USB-sticks) in de wacht te slepen. Die prijs werd uiteindelijk pas op de terugreis verdeeld: Gent en Leuven mochten de USB-stick onder elkaar verdelen na een sfeervolle laatste vragenronde.

Bij aankomst in Rotterdam werden de deelnemers verwelkomd door Ozlem Coban van Kaseur, het samenwerkingsverband van multiculturele studentenverenigingen aan de unief. Deze koepelorganisatie ontstond in 1995 en hield zich initieel o.a. bezig met de coördinatie van tutoringprojecten. Ozlem verklaarde dat hoewel de leden soms van visie verschillen, de samenwerking bij Kaseur redelijk vlot verloopt. Dit komt door een focus op gedeelde waarden en doelstellingen i.p.v. de verschillen te benadrukken. De hartelijke verwelkoming verplaatste zich vervolgens van het gesproken woord naar de inwendige mens, meer bepaald een halallunch op de Faculty Club op de 17de verdieping van de universiteit, met een prachtig zicht op de havenstad.

De namiddag werd op gang getrokken met een debat waarbij in het panel naast Ozlem ook Inge Gielis van de VVS, Zouhair (namens de multiculturele Rotterdamse studentenvereniging Eurabia) en Duro van de Gentste Interculturele Studenten Associatie (GISA) zetelden.

Het eerste aangesneden topic betrof de erkenning van de diverse verenigingen door de unief. In Nederland hangt die erkenning af van het aantal leden dat men kan voorleggen. Maar zelfs als men onvoldoende leden heeft voor een erkenning, kunnen studentenverenigingen een eigen lokaal op de universiteit verkrijgen. In Vlaanderen is dat laatste niet het geval. Hier bleken GISA, TSL en Student Focus erkenning te genieten (MIX enkel in theorie). Die erkenning leidt echter niet noodzakelijk tot zichtbaarheid. "Daarvoor moeten we zélf initiatief nemen," klonk het nagenoeg uit één mond. Wanneer er successen worden geboekt, verwijst de universiteit daar wél naar.

Ozlem verklaarde dat Kaseur momenteel een gesprekspartner is van de EUR voor het diversiteitsbeleid, o.a. voor het opzetten en promoten van buitenlandse stages. In Vlaanderen maakt GISA uit van de diversiteitsgroep van de UGent. Inge Gielis stelde vervolgens dat de erkenningen bij ons nog te veel gericht zijn op klassieke studentenverenigingen. Initiatieven van etnisch-culturele minderheden, die vaak nauwe banden hebben met zelforganisaties, vallen op die manier geregeld uit de boot. Bovendien hebben de traditionele studentenverenigingen vaak geen benul van het bestaan van etnisch-culturele collega's.

In Rotterdam krijgen de studentenverenigingen de kans zich uitgebreid te promoten op de jaarlijkse Student Kick-Off. Een vereniging als Eurabia krijgt ook zo'n 2000 euro van de unief als jaarlijks budget. In Vlaanderen stort bijvoorbeeld Student Focus zich wel op de introductieweek, maar het krijgt daarvoor van de unief geen budget. Min of meer vergelijkbaar is wel het zoeken van externe fondsen. In Nederland zoekt men bedrijfssponsors, in Vlaanderen weet men allochtone ondernemers als geldschieter aan te trekken.

Een opvallend verschil tussen de twee landen bleken nochtans de contacten met de privésector. In Nederland zijn de bedrijven veel bezig met diversiteit en nemen zij dus vaak zelf het initiatief om de studenten te bereiken. Op de Rotterdamse Universiteit zijn er inmiddels goede netwerkverbanden tussen de verenigingen en het bedrijfsleven, vanuit een gemeenschappelijke visie en een focus op zelfpromotie. Aan de Erasmus Universiteit heeft men overigens ook een loopbaanadviseur. Het verschil met Vlaanderen, waar de meeste bedrijven nog gesensibiliseerd moeten worden, is groot.

Ook op vlak van kennisdeling en -behoud hadden de Nederlandse studentenverenigingen een stapje voor. Kaseur biedt zijn besturende leden een media- en bestuurstraining aan. Op die manier raken zij niet enkel vertrouwd met planningsaspecten (wat hen ook in hun verdere carrière van pas zal komen), maar is er ook sprake van eenvoudige kennisoverdracht tussen opeenvolgende bestuurders. Mozaïek, een Nederlandse studentenvereniging, werkt bijvoorbeeld met externe partners samen aan een gemeenschappelijke database. Met de internationale studentenorganisatie ISIC heeft men in Vlaanderen geen contacten.

Hierna verschoof de discussie naar de activiteiten die de verenigingen organiseren. GISA gaat steeds uit van haar vier kerndoelstellingen (ontmoeting; in-, door en uitstroom; integratie en ontspanning). Ook het merendeel van de andere studentenverenigingen bleek soortgelijke maatstaven te hanteren. Kaseur haalde wel het heikele punt van planning aan. Dit blijkt soms een probleem te zijn bij activiteiten, o.a. omdat studenten een gezond evenwicht moeten vinden tussen hun inzet voor de vereniging enerzijds en hun academische carrière anderzijds. Om volk naar hun activiteiten te lokken hanteren Vlaanderen en Nederland beide vooral internettools als Facebook. Ook een systeem als Blackboard van Toledo (elektronisch leerplatform) zou tot een goede tool kunnen uitgroeien.

Het debat werd afgesloten met enkele tips voor het opstarten van een studentenvereniging:

Het is belangrijk zich op voorhand bewust te zijn van het feit dat een vereniging snel groot kan worden, met alle praktische consequenties vandien.

De keuze van een doelgroep en het ontwikkelen van een visie hierrond zijn essentieel als men een meerwaarde wil betekenen in het studentenlandschap.

Men moet te allen tijde een goed tijdsevenwicht vinden tussen een bestuursfunctie in een studentenvereniging en de academische carrière (o.a. met het oog op behoud van studiebeurs)

De rest van de namiddag konden de deelnemers van de netwerktrip uitwaaien in de stad. Spelleider Nynke had immers een mystery game op poten gezet waarbij zes groepen door Rotterdam moesten zwerven op zoek naar bekende en minder bekende stadsgezichten. Met enkel een stadskaart als gids moesten de jongeren een aantal foto's in de juiste volgorde plaatsen, iets waar enkelen met brio in slaagden. De stadstocht had eethuis Cambrinus (vlakbij de Kubuswoningen) als eindbestemming, waar de winnende groep een fles champagne in ontvangst mog nemen. Na het avondeten stapte iedereen weer op de bus richting Vlaanderen.

Als de doelstelling van deze netwerktrip was om de banden tussen de Vlaamse en de Nederlandse studentenverenigingen aan te halen, dan was de trip naar Rotterdam een eclatant succes. Er werd niet alleen goed genetwerkt - met het oog op toekomstige samenwerking - maar de kennisdeling tussen de Vlaamse en de Nederlandse studenten zal ongetwijfeld ook leiden tot meer inzichten in het creëren en optimaliseren van de werking van etnisch-culturele studentenverenigingen.

Hakim Benichou, stafmedewerker Minderhedenforum.NET