| In 1993 lanceerde Amerikaans politoloog Samuel P. Huntington de theorie van de Clash of Civilisations, de Botsing van Beschavingen. Volgens hem zouden, na ideologische Koude Oorlog, in de toekomst culturen en religies met elkaar slaags geraken. Conflicten die met wapens zouden worden uitgevochten. De theorie was onderwerp van heftig debat. Na 9/11 kreeg de theorie echter meer en meer de status van FEIT. Believers grepen Jihadi-terrorisme aan als een tastbaar en onwrikbaar bewijs van het bestaan van de Clash. Prompt werd de Clash of Civilisations, waar volgens Huntington onder meer ook China een rol in zou hebben, verengd tot een botsing tussen de Islam en het Westen.
Na New York volgden Madrid en Londen. Ontelbare keren kwamen believers achter tal van microfoons en voor ettelijke camera’s de feiten verklaren vanuit die ene theorie. Voor nieuwsmedia was die vermeende Botsing een dankbare format om politieke en maatschappelijke nieuwsfeiten te duiden. Tegenstellingen als voor of tegen, zwart of wit, zijn favoriete media-technieken om een onderwerp te brengen. Alleen was hier het evenwicht meer dan eens zoek. Non-believers werd al snel in een hoek geduwd of zelfs weggelachen als halfzachte en naïeve multiculti’s. Door dit schema wekten nieuwsmedia de indruk dat ook in de samenleving moslims en niet-moslims lijnrecht tegenover elkaar stonden. Of het nu om terrorisme gaat, de opening van een islamitische school of het dragen van een hoofddoek: telkens komt de onderliggende vraag terug of het wel goed komt tussen moslims en niet-moslims. Voor nuance is er weinig plaats. Wie niet voor is, is ongetwijfeld tegen.
Toegegeven, de verantwoordelijkheid voor dat eenzijdige beeld ligt niet enkel bij media. Media reflecteren ook het dominante denken van de maatschappelijke en vooral de politieke elite. Dat hoeft niet eens zo vreemd te zijn. Wetenschappers en politici genieten als nieuwsbronnen een groot vertrouwen. Uitgerekend die elite houdt er een afwijzende toon tegenover moslims op na. Toch spelen media een belangrijke rol in het verheffen van de ideologie tot dominant interpretatiekader. Daarvoor kan men twee oorzaken aanwijzen. Nieuwsmedia spelen op veilig en verkiezen de stem boven de tegenstem. Zij herhalen bovendien beelden en ideeën ad infinitum. Daardoor krijgt een beeld of idee de status van feit. De Clash is daar een voorbeeld van. En zo ontstaat een dominant denkspoor. Iedereen die ooit met de auto op een snelweg heeft gereden, weet wel hoe moeilijk het is om met je wielen uit hardnekkige spoorvorming te raken. Het gevolg is minder onschuldig. Het werkt als een selffulfilling prophecy. Als je mensen maar lang genoeg zegt dat de afstand tussen moslims en niet-moslims onoverbrugbaar is, gaan ze het vanzelf geloven en er zich zelfs naar gedragen.
Het is dan ook des te verrassend dat De Standaard aandacht besteedde aan een onderzoek dat de Clash relativeert. Het Amerikaans onderzoekbureau Gallup hield een grootschalige enquête onder 50.000 moslims in 35 moslimlanden. Schijnt dat het wel meevalt met die Clash! Zo toont het onderzoek aan dat moslims vooral democratie en vrijheid van meningsuiting willen. Ze haten evenmin het Westen. Wel laken ze de hypocrisie waarmee het Westen over democratie (s)preekt maar tegelijkertijd zelf autoritaire regimes in het zadel houdt.
Kan men hieruit lessen trekken? Dat is lastig. Het gaat immers niet om eenrichtingsverkeer, waarbij de media massa’s informatie uitstort over het publiek waarop dat publiek zich afkeert van moslims. Maar dat ontslaat media geenszins van hun verantwoordelijkheid. Zij moet oog hebben voor de tegenstem en veilige paden verlaten. Ingaan tegen de vele geschreven en ongeschreven vooroordelen en inzetten op het uitbouwen van netwerken met moslims, zodat redacties weten wat leeft bij die groep, zijn mogelijke oplossingen.
Nogal wat journalisten bedoelen het nochtans goed. Maar ze hebben weinig voeling met minderheden; het water is heel diep. Er lopen dan ook niet veel allochtone journalisten rond op de redacties. Autochtone journalisten hebben nu eenmaal minder oog voor multiculturele berichtgeving dan hun allochtone collega’s, zo bleek herhaaldelijk uit recent onderzoek in Nederland. Natuurlijk rijden journalisten zich dan vast in clichés of dominante denkpistes, zoals de Clash of Civilisations. Dat de De Standaard oog heeft voor de tegenstem strekt tot voorbeeld.
En dan is er nog iets. Journalistiek over interculturaliteit is amper onderwerp van debat. Nochtans is het een belangrijk debat, één dat gevoerd moet worden!. Journalisten noch hoofdredacteuren steken publiekelijk graag de hand in eigen boezem. Begrijpelijk, maar dit ongemakkelijk gevoel mag geen excuus zijn. Minderheden staan sowieso in de hoek waar de meeste klappen vallen. Hen onterecht allerlei kenmerken toedichten die ze niet eens hebben, daar wordt niemand beter van.
Het Minderhedenforum tracht een rol te spelen in dit debat. De journalistieke kwaliteit in relatie tot interculturaliteit is onderwerp van de Rondetafel op de Openforumdag.
|