Minderhedenforum logo
RSS        home        contact          zoek       

web_broodkruimelU bent hier: beleid > media > verslag debat beeldvorming
 
15 jaar actie voor meer diversiteit in de media: balans en debat
15 jaar geleden werd de relatie tussen berichtgeving over etnische groepen voor het eerst onderzocht. De kritiek van stereotypering is 15 jaar later nog actueel. Anno 2008 is slechts 0,9 procent van de journalisten is van allochtone afkomst. Is er dan niets veranderd tussen het eerste onderzoek en vandaag? Het Minderhedenforum maakt de balans op van de inspannningen, van de gemiste kansen en - last but not least - van het resultaat.
 

Over deze vraag boog het Minderhedenforum zich op 10/1/2008 in het Zuiderpershuis in Antwerpen. Nico Carpentier, Ico Maly, Gianni Marzo en Duncan Braeckevelt waren mee uitgenodigd om van gedachten te wisselen  tijdens een debat.

Inleiding op het debat was een overzicht van de afgelopen 15 jaar. Medewerkster Media & Beeldvorming van het Minderenforum, Katleen De Ridder, deelde enkele verdiende pluimen en pluimpjes uit. Een eerste pluim ging naar de academici die de afgelopen jaren de berichtgeving over etnisch-culturele minderheden onderzochten. Het onderzoek uit 1993 toont de stereotypering van de 'migrant' in de media aan. Anno 2007 zou er al heel wat verbeterd zijn. De stereotypen van crimineel of sukkelaar zijn doorbroken. Klopt gedeeltelijk, zegt De Ridder, maar dit is te wijten aan de maatschappelijke evolutie van de afgelopen 15 jaar. Er zijn nu eenmaal meer allochtone sportlui en politici. Logisch dat die de pers halen!

Volgens professor Communicatiewetenschappen Nico Carpentier kan er nog heel wat onderzoek gedaan worden. Zo blijft de receptie van het publiek onderbelicht. Het publiek interpreteert. Het is interessant dit te onderzoeken. Mediawatcher van KifKif Ico Maly voegt toe:

"Dit onderzoek is interessant. Maar het heeft als grote tekortkoming dat het louter kijkt naar het expliciete niveau. Maar de problematiek van beeldvorming bevindt zich op het impliciete niveau. Er is nood aan onderzoek dat dit impliciete niveau bloot legt."

De Journalistenbond wil naar aanleiding van de positieve resultaten van 2007 de aanbevelingen voor de berichtgeving over allochtonen actualiseren. Er zou vooral nood zijn aan positieve aanbevelingen. Volgens Carpentier was er niets mis met de oude aanbevelingen. Eerder de problematische implementatie ervan moet verbeteren. Dat zegt ook De Ridder: "Geen journalist die de de aanbevelingen kent!" Ze vraagt de Journalistenbond om de aanbevelingen actiever bekend te maken. Pas dan krijgt ook de Journalistenbond een pluim!

Journalisten maken deel uit van het probleem én van de oplossing

Zijn meer allochtone journalisten de oplossing, vraagt moderator Flip Voets zich af. Kunnen zij een stereotype berichtgeving doorbreken? Voets is Secretaris-Generaal van de Raad voor de Journalistiek. Het panel is het er echter over eens dat de tewerkstelling van allochtonen in de media een probleem apart is. Een probleem dat een oplossing verdient, maar dat niet kan gezien worden als een oplossing voor een ander probleem, namelijk dat van de berichtgeving en de beeldvorming.

Volgens De Ridder botsten allochtone journalisten dikwijls op de 'witte' redactiecultuur. Het is moeilijk om die redactiecultuur te omschrijven, geeft ze toe. Het gaat om een amalgaan van mechanismen, zoals de selectie, de definitie van wat nieuws is en dergelijke meer. Omdat niet die impliciete en soms onbewuste mechanismen de journalistiek sturen, is het belangrijk ze te benoemen. Door deze mechanismen zijn journalisten immers niet neutraal, ook al beweren ze zelfs dat ze dat wel zijn.

Journalisten krijgen dan ook slechts een kleine pluim. Ze hebben nochtans niet stil gezeten de afgelopen 15 jaar. Zo brengen ze meer nieuws uit allochtone hoek en laten ze meer allochtone woordvoerders aan het woord. Maar ook hier nuanceert De Ridder: "Het is het gevolg van de gestegen maatschappelijke participatie van etnisch-culturele minderheden".

Toch liggen de echte sleutels voor verandering bij de journalisten. Aan hen wordt gevraagd zich te bezinnen over de vele impliciete mechanismen om daarin verandering te brengen. Volgens De Ridder de enige piste naar een echte interculturele journalistiek die de participatie van etnische groepen niet langer voor de voeten loopt! Dit is een moeilijk debat, aldus De Ridder. Journalisten noch hoofdredacteurs staan ervoor te springen!

Professor Carpentier nuanceert:

"Het is zinloos om journalisten als grote schuldigen aan te wijzen. Ik was zelf ooit getuige van de rellen op de Turnhoutsebaan, toen met Abou Jah Jah. De berichtgeving daarover was inderdaad tendentieus. Maar wie heeft toen het kader gecreëerd? Verhofstadt, die net niet opriep tot deportatie. De journalisten nemen dat kader gewoon over."

Ico Maly geeft de voorkeur aan kwaliteit als invalshoek:

"Ieder jaar zijn er beginnende journalisten die interculturele onderwerpen verslaan. De teloorgang van specialismen is een kwalijke evolutie. Walter De Bock die publiceerde een artikel elke twee maanden. Toegegeven, journalisten zijn misshien niet dé makers van beeldvorming, ze dragen toch een grote verantwoordelijkheid".

De Ridder had ook een pluim veil voor de televisiemakers. Vooral ontspanningsprogramma's bekenden de afgelopen jaren kleur. Een goede evolutie, aldus De Ridder. En ook Gianni Marzo van de Cel Diversiteit van de VRT, die onlangs nog de prijs 'beste interculturele  televisie' kreeg van het Minderhedenforum voor het programma Man Bijt Hond, zegt:

"Woestijnvis heeft al langer de integrale kwaliteit van interculturaliteit begrepen. Er vallen mooie verhalen te vertellen!"

"Zonder structurele aanpak, zitten we hier over 15 jaar nog!"

Voor het beleid heeft De Ridder ook geen grote pluim over. Versnippering is troef. De afdelingen Media, Gelijke Kansen en Inburgering hebben elk hun eigen projectjes. Maar van duurzaamheid of coherentie is geen sprake. Duncan Braeckevelt van het kabinet Media erkent het probleem maar kan het louter aankaarten bij de collega's. Hij legt uit dat mediabeleid media vooral technisch benaderd. Nochthans financieren ze ook inhoudelijke projecten zoals het Pascal Decroosfonds of de steun aan de geschreven pers. Dit jaar gaat de steun naar opleidingen maar de bedrijven kunnen zelf kiezen welke opleidingen ze verzorgen.

Maar De Ridder blijft kritisch:

"Het heeft geen zin om tijdelijke projecten te blijven cumuleren. Dat zijn overwegend tijdelijke impulsen. Daar is op zich niets fout mee. Maar die kunnen geen duurzaam of coherent effect sorteren. Daarvoor is een structurele aanpak nodig. Anders zitten we hier over 15 jaar nog."

Volgens Carpentier heb je nood aan één overkoepeld fonds. Hij pleit voor een fonds voor mediademocratie. Dat kan niet alleen geld uitdelen maar ook expertise genereren. Je kan dan een debat aangaan over media vanuit democratische reflecties. Wat is participatie? Wat is correcte beeldvorming? Je moet de keuze maken in functie van mediademocratie. Het moet niet alleen over interculturaliteit gaan.

De Ridder eindigt met een verlanglijstje:

- kritisch debat over en vooral door journalisten en hoofdredacteuren;

- coherent en vooral duurzaam beleid;

- nog meer goede interculturele televisie;

- tewerkstelling van allochtone journalisten moet blijvend en versneld toenemen.

Benieuwd wat de balans over 15 jaar zal zijn ...