|
Neem nu Shouf Shouf Habibi. Dat Pim Fortuyn dit niet meer heeft mogen meemaken! Het is een film over Nederlandse Marokkanen die zichzelf niet te serieus nemen. Hilarisch is de scène waarin de jongeren rond de biljarttafel pochen wie van hen het meest op Mohammed Atta lijkt. Lachen met 11 september moet dus kunnen, aldus de makers van de film. Hoofdpersonage is de 20-jarige Ap, die weldra moet kiezen tussen het moderne Nederlandse stadsleven of de wens van zijn vader inwilligen en trouwen met een bruid uit Marokko. Dit lijkt misschien niet de meest originele invalshoek maar de kracht van de film zijn net de clichés die met de nodige hilariteit verteld worden. En clichés bevatten nu eenmaal een zeker waarheidsgehalte. Ap wordt heen en weer geslingerd tussen zijn vrienden die niet willen deugen, zijn traditionele ouders en de Nederlandse maatschappij. In dat opzicht stelt de film ook enkele zeer rake vragen en schetst hij een aantal situaties waarin vooral allochtone jongeren zich herkennen.
Ook Het Schnitzelparadijs slaat een luchtige toon aan. De komedie vertelt het verhaal van Nordip, een Marokkaanse jongen in Nederland met een goed stel hersenen en een veelbelovende toekomst. Nordip wil echter niet aan de verwachtingen van zijn vader voldoen en neemt een zomerbaantje als afwashulp in een snackbar. Hij wordt verliefd op het nichtje van de eigenaar. Van de hulpkoks leert hij hoe haar te versieren. Het is de bedoeling dat zijn geliefde Agnes de zaak overneemt maar daar voelt zij niets voor. Hun liefde is gedoemd te mislukken, tenzij Nordip haar ervan kan overtuigen tegen de wens van haar familie in te gaan.
Volgens Khalid Boudou, regisseur van Het Schnitzelparadijs, kennen deze multiculturele producties een groot succes doordat ze een nieuw publiek aanboren: de allochtone jeugd. Ze zijn er trots op dat hun verhaal wordt verteld en verfilmd. Het gaat dus om (zelf)bevestiging maar tegelijkertijd is het een reactie tegen de vele negatieve uitlatingen door politici en in de media. Boudou: "Media vergroten de islamitische identiteit. Deze film is een tegenreactie, tegen de arrogantie van de media en het Westen." Maar de films zitten barstenvol clichés? Volgens Karim Traidi heb je deze clichés net nodig: "Het is goed om die zichtbaar te maken." Zouzou Ben Chikha, theatermaker van bij ons voegt toe: "Je haalt daardoor de geladenheid rond bepaalde zaken weg." Boudou: "Het Schnitzelparadijs moest gemaakt worden. Het creëert ook een discussie bij jonge allochtonen onderling." In dat opzicht werken deze films therapeutisch, voor de makers, voor de allochtone gemeenschap maar bij uitbreiding voor het hele publiek.
Er komen dus wel Nederlanders kijken. Boudou: "Er kwamen vooral jongeren kijken, ook Nederlandse jongeren. De films sluiten aan bij jeugdcultuur." Het recente succes van multiculturele films in Nederland is meer dan een trend. De hele bevolking wordt diverser, dus ook de filmproducties. Toch is het in Vlaanderen vooralsnog wachten op multiculturele kaskrakers. Wel hadden we enkele jaren geleden Kassablanca. Deze film van Guy Lee Thijs uit 2002 vertelt een liefdesverhaal uit de Antwerpse wijk die smalend Kassablanca wordt genoemd om het grote aantal allochtonen die ze huisvest. Wout, de sympathieke, 19-jarige zoon van een racistische Vlaams-nationalist wordt verliefd op zijn mooi en intelligent buurmeisje, de 17-jarige moslima Leilah. Beide jongeren proberen elk op hun manier om te gaan met de beperkingen die hun familie hun oplegt en hun eigen gevoelens. Hoewel de invalshoek van het verhaal gelijkenissen vertoont met de plots uit Nederland, is de toon van deze film grimmiger. De film is meer zwaar op de hand en behandelt expliciet de integratieproblematiek. Was dit ook de bedoeling van de maker? Thijs: "Ik wilde de doctrine van extreem-rechts en van de extreme islam met elkaar vergelijken". Hoe komt het dat er in Vlaanderen geen allochtone filmmakers opstaan? Volgens Traida komt het heus nog wel zover: "Kijk naar Frankrijk, dat land loopt een generatie voor en daar zijn vele allochtone kunstenaars actief. Nederland loopt dan weer voor op België."
Moderator Steven De Foer ziet een mogelijke verklaring: "In de Nederlandse pers worden allochtonen meer gestigmatiseerd. Allochtonen in Vlaanderen voelen zich meer beschermd door de pers." Een verklaring die amper opgaat, aldus het aanwezige Minderhedenforum. In Vlaanderen had je inderdaad in de jaren 90 een voorzichtige politieke correctheid onder redacties en journalisten. In 1994 vaardigde de Journalistenbond richtlijnen uit voor de berichtgeving over allochtonen. Die aanbevelingen hadden niet het karakter van formeel deontologische normen, wat de toenmalige Raad voor Deontologie (tegenwoordig de Raad voor de Journalistiek) van de Journalistenbond echter niet belette om ze in zijn beoordelingen te betrekken. Verder had de VRT ook nog enkele jaren een programma voor allochtonen met name Couleur Locale. Maar voor het overige waren allochtonen gewoonweg afwezig in het medialandschap, zowel op de werkvloer als in praat - en duidingprogramma's, ontspanningsprogramma's of fictie. Sporadisch zaten ze in het nieuws, maar dan ging het uiteraard om negatief nieuws. Het zou cynisch zijn om dit negeren voor te stellen als een bescherming. Na 9/11 verdween deze politieke correctheid en verhardde het debat. Maar tegelijkertijd groeide het besef in politiek en in media dat media geen correcte afspiegeling van de maatschappij kunnen bieden zolang ze allochtonen niet opnemen in al hun geledingen.
Anno 2006 zien we enige voorzichtige verbetering ter zake. Maar nog steeds sorteren de wetten van de nieuwsproductie een pervers effect voor de allochtone gemeenschappen. Herhaling van eenzijdig negatieve berichten zadelen allochtone individuen en gemeenschappen onterecht op met een imagoprobleem. Veel Vlamingen komen niet in contact met allochtonen en halen hun informatie van de media. Die Vlamingen verwerpen allochtonen echter steeds meer, precies door wat ze uit de media halen. Het klopt dus niet dat multiculturele films in Vlaanderen uitblijven omdat de media hier zo'n genuanceerd beeld neerzetten van etnisch-culturele minderheden. Dan zijn de woorden van Zouzou Ben Chikha hoopvoller: "Over 20 jaar zullen we ons niet meer afvragen of het een Turks, een Marokkaans of een Vlaams verhaal is. Dan lachen we allemaal met dezelfde films." Maar Vlaanderen is vooralsnog toe aan een inhaalbeweging!
|