Minderhedenforum logo
RSS        home        contact          zoek       

web_broodkruimelU bent hier: beleid > diversiteit > inspraak > politiek
 
Inspraak van minderheden via politiek
Wie voorwerp is van het beleid, heeft het recht en zelfs de plicht om mee te bepalen hoe dit beleid eruit ziet. Dat is de premisse van de democratie. Het kiesrecht is de belangrijkste weg om dit te realiseren. Actief kiesrecht is het recht om via stemming vertegenwoordigers aan te duiden, passief kiesrecht betekent dat men zich verkiesbaar mag stellen. Voor inwoners zonder de Belgische nationaliteit zijn deze rechten nog steeds niet volledig verwezenlijkt.
 

Tot 1999 konden alleen Belgen stemmen bij verkiezingen van lokaal tot Europees niveau. Verschillende organisaties, waaronder het Minderhedenforum, pleitten ervoor om ook niet-Belgen stemrecht te geven. Immers, democratie betekent dat burgers inspraak hebben in het beleid. Onder burgers verstaan we alle mensen die op duurzame wijze onderhevig zijn aan de beslissingen van dat beleid en die bijdragen – in de eerste plaats financieel – tot de uitvoering ervan. “No taxation without representation”, stelt het aloude adagio.


In 1999 zette de Belgische overheid een Europese richtlijn om die gemeentelijk en Europees kiesrecht toekent aan EU-burgers. Pas vijf jaar later, in februari 2004, keurde de Kamer het gemeentelijk stemrecht voor niet-EU-burgers goed. Personen die 5 jaar legaal in België verblijven, kunnen zich voortaan als kiezer registreren voor lokale verkiezingen. Aan de beslissing ging een lange en vaak pijnlijke discussie vooraf.

Het kiesrecht is sterk beperkt. Het gaat enkel om het recht te stemmen, niet om zich verkiesbaar te stellen. Bovendien is de weg naar het kieshokje met hindernissen bezaaid. Niet-EU-burgers die willen stemmen, moeten zich inschrijven en een verklaring ondertekenen de Belgische grondwet en de mensenrechten te respecteren. Inhoudelijk is daar niets mis mee. Maar aangezien alle inwoners sowieso deze regels moeten respecteren, bevestigt deze eis, enkel aan het adres van niet-EU-burgers,
vooral het wantrouwen van de Belgische overheid in deze burgers.

Op 8 oktober 2006 was het dan zover: voor het eerst trokken zowel Belgen, EU-burgers als niet-EU-burgers naar de stembus. Het resultaat was een succes. Ruim 15,7 procent van de niet-EU-burgers in België registreerde zich. Dit ondanks de gebrekkige en late informatie en de nalatigheid van de Vlaamse overheid die de verantwoordelijkheid voor het informeren en sensibiliseren van de ‘nieuwe’ burgers volledig afschoof op de steden en gemeenten en op allochtone verenigingen. Opvallend: op plaatsen waar er een sterke sensibiliseringscampagne gevoerd werd, registreerde zich meer dan 40 procent van de nieuwe kiezers.

Het Minderhedenforum pleit voor het uitbreiden van het stemrecht voor niet-Belgen tot alle bestuursniveaus. Minimaal moeten de regeling voor niet-EU-burgers gelijkgeschakeld worden met die voor EU-burgers.

Al voor de gedeeltelijke veralgemening van het gemeentelijk stemrecht, zagen we het aantal verkozenen en mandatarissen van allochtone origine voorzichtig toenemen, van lokaal tot Vlaams en federaal niveau. Toch is het politiek personeel op de verschillende beleidsniveaus nog steeds verre van representatief voor de bevolking. Zo telden we vlak na de federale verkiezingen 2007 slechts 4% Kamerleden met roots buiten België. Vooral op uitvoerend niveau (schepencolleges, ministerraden) is het vaak vergeefs zoeken naar mensen van buitenlandse origine. Zo was er nog geen enkele Vlaamse minister van allochtone origine.

Als koepel van allochtone verenigingen heeft het Minderhedenforum enkel lof voor de Vlamingen van Marokkaanse, Turkse, Afrikaanse en andere origines die zich politiek engageren. Het staat vast dat allochtone politici belangrijk zijn voor de emancipatie van allochtonen. Het is echter een misvatting dat allochtone politici alléén, de 'vertegenwoordigers' zijn van de allochtone gemeenschappen. Wel kunnen ze vanuit hun achtergrond een speciale interesse en gevoeligheid hebben voor de thema's die allochtonen aanbelangen. Zo ook hebben vrouwen op kieslijsten vaak extra aandacht voor de bekommernissen van 'de vrouwen' in de samenleving, zonder dat dit hen tot vertegenwoordiger maakt van deze groep.

Net als bij de vrouwen is het daarom belangrijk dat naast deze politici een sterk middenveld staat. Een sterk allochtoon middenveld garandeert een betere politieke vertegenwoordiging van allochtonen. Door mensen samen te brengen, kunnen ze signalen samenbrengen en voorstellen formuleren, die niet meer de som van individuele ideeën zijn, maar de ideeën van een groep. Door zich te organiseren houden ze ook een vinger aan de pols van wat er leeft in de samenleving, en kunnen ze politici - allochtoon of autochtoon- achter de veren zitten om concrete veranderingen af te dwingen.